Wereldoriëntatie
In een Jenaplanschool is de wereldoriëntatie het belangrijkste vormingsgebied. Kinderen leren daarin om te gaan met de natuur om hen heen, de mensen dichtbij en verder weg en met vragen rond de zin van het leven en de wereld. Dat doen ze door vaak de school uit te gaan en omgekeerd, de wereld in de school te halen: mensen en dingen, te luisteren naar verhalen, door zelf waar te nemen en te experimenteren, zelf vragen te stellen en op zoek te gaan naar antwoorden via internet, het documentatiecentrum en bij mensen met kennis en ervaring.
De kinderen zijn, kortom, ontdekkend en onderzoekend bezig, vaak in de vorm van projecten. Zodoende wordt de wereld steeds groter en ruimer en leert het kind zelf een mening te vormen.
Het leren op een Jenaplanschool gebeurt in een sfeer waarin een kind zich veilig voelt. Het kind krijgt taken die uitdagend zijn en die het aan kan, die het kind voldoende vrijheid laten voor een eigen invulling, maar die tegelijkertijd geen gelegenheid bieden voor vrijblijvend “meedoen”.
Op school wordt veel aangegrepen om te vieren: niet alleen de verjaardagen, maar ook de weeksluiting en de jaarlijkse feesten zoals het begin en het eind van het schooljaar, Sinterklaas, Kerst, etc.
Een viering is alles wat de kinderen intens beleven. Vaak is het gevoel dat je samen met de anderen iets beleeft al een viering. Het is belangrijk dat kinderen gezelligheid ervaren, voor elkaar waardering hebben, een moment dicht bij elkaar staan, succes ervaren, iets voor elkaar voorbereiden en opvoeren en gevoelens van en met elkaar beleven.